Waar werkt THOT?

Hope North

De oorlogswezen van Hope North

Bij Bwalya ga je de hoofdweg af. Je neemt een Bodaboda (brommertaxi) en je rijdt de bush in. Dan kom je na een half uur bij twee lange barakken, midden op een heuvel. Het zijn de klaslokalen en de slaap’zalen’ van Hope North. Er is geen luxe. Het initiatief is mooi en belangrijk maar de sponsorgelden minimaal. Hier leven 250 jongeren van rond de 18 jaar.

Bij hen kom ik nu voor de derde keer. Ik heb ook met hen een interactieve educatieve theatervoorstelling gemaakt, ‘Who is to blame?’  Een verhaal over sexueel misbruik en de traumatische gevolgen van de oorlog.

De jongeren van Hope North zijn wees, een groot aantal heeft mee moeten vechten met de rebellen. Ze wonen nu bij elkaar in de benauwde slaap’zaal’. Ze slapen met z’n vieren in stapelbedden en soms, zonder matras, op de grond.  Ze  krijgen les in ‘lokalen’ die alleen bestaan uit vier muren. Ze willen heel graag leren. Ze willen het verleden achter zich laten. Maar het verleden laat hen niet los.

Ver weg van de bewoonde wereld.

Jaren was er een oorlog tussen rebellen en het regeringsleger. De echte slachtoffers? Dat waren de kinderen van 10 – 16 jaar. Zij werden soms gedwongen om hun eigen ouders te doden. Zj moesten zware lasten dragen en werden meegenomen de bush in. Drie dagen lopen, slapen in de open lucht, regen, muggen en heel veel ander ongedierte.   Onder zware druk werden ze gedwongen mee te vechten met de rebellen en/of werden als seksslavin aan de mannen ‘uitgehuwelijkd’.  Weigerden ze dit dan werden ze doodgeschoten en/of ernstig verminkt.

Deze kinderen keerden terug uit de bush. Ze schamen zich. Ze praten niet over wat hen is overkomen en wat ze zelf hebben gedaan. Ze zijn bang voor de vele oordelen van degenen die achter bleven. Ze kunnen hun verhaal niet kwijt.

En als je niet durft te vertellen wat er met jou gebeurd is dan raak je gemakkelijk vast in jezelf.

Daarom een voorstelling. 'Who is to blame'. In het midden van de klas. Door henzelf gemaakt. Ze spelen een verhaal hun eigen verhaal dat heel herkenbaar is voor de andere jongeren. Daarna gaan ze als volleerde acteurs de discussie aan d.m.v. stellingen.

Het leren praten over wat is gebeurd is erg belangrijk voor het verwerken van het trauma. Doe je dit niet dan wordt de pijn doorgegeven aan de volgende generatie met al de gevolgen van dien.

‘Weet je de pijn niet om te zetten in creativiteit dan wordt ze een loodzwaar hart.’

De drum-, dans- en dramagroep heeft al vaak de voorstelling ‘Who is to blame?’ gespeeld en zo hebben zij als tegenprestatie deuren en ramen in de lokalen ‘verdiend’, medicijnen, muskietennetten en zijn we begonnen met een agrarisch project voor meer variatie in het voedsel. Nu krijgen ze iedere dag pap zonder suiker en een bord posho met bonen. Door deze eenzijdigheid is er veel ziekte. Met het agrarische project hopen we dat ze zelf meer gevarieerd voedsel kunnen verbouwen.

Ook hebben we, met hulp van Ovata uit Nederland, een veld met Aloë Veraplanten aan kunnen leggen op Hope North. Deze plant heeft een heilzame werking bij huidproblemen en littekens.